Voor mijn werk moet ik dagelijks nogal het een en ander lezen en schrijven. Nu heb ik met beide over het algemeen geen enkel probleem; de wiskundedeuk wordt ruimschoots gecompenseerd door een redelijke knobbel op taalgebied.

Maar er zijn momenten dat ik toch wat moeite heb met het daadwerkelijk correct op het scherm dan wel papier krijgen van de woorden die ik in mijn hoofd heb. Meestal ligt daar een slechte nacht aan ten grondslag, of algehele drukte onder mijn schedeldakje. Hoe het ook zij, er zijn dagen of dagdelen dat mijn vingers geenszins uit het toetsenbord krijgen wat ik wil.

Dan kan het gebeuren dat ik geheel onbedoeld sommige woorden foneties ga schrijven, en dat ziet er behoorlijk lees- en schrijfblinderig uit. Vaker nog heb ik dat de volgorde van woorden verhaspeld wordt: redacteru ipv redacteur of buitneknasej ipv buitenkansje. Is op zich niet heel gek, als je met twee handen op een toetsenbord zit te rammen en de coördinatie het een beetje laat afweten. Dan typt links net een fractie van een seconde sneller dan rechts en een verhaspeling is geboren.

Maar echt in de war ben je toch wel als je een pen ter hand neemt voor wat notities en het dan presteert om woorden bijna onherkenbaar te binnenstebuiten te keren. Ik bedoel: alle letters komen een voor een uit dat vulpotlood (mijn favoriete schrijfgerei (en om het maar even aan te geven, die twee schuingedrukte woorden typte ik, vóór correctie, zojuist als vaforiete sgreifgerij (inderdaad, ik heb niet best geslapen))), dus dan het woord ‘atletiek’ op papier te krijgen als alteketie is best een prestatie. Dat gebeurde mij toen ik nog bij Twee voor Twaalf en Per Seconde Wijzer werkte en sindsdien dragen dat soort vertyp- en verschrijvingen voor mij die naam.

Dus mocht je een keer iets leest dat er nogal vreshapfeld uitziet, vergeef me en bedenk dat ik een alteketie-bui had.

Related Posts

Leave a Comment